Invloed en betrokkenheid
Invloed en betrokkenheid
JA21 standpunten
Een betrouwbare overheid zorgt voor invloed en betrokkenheid van de inwoners van dit land bij het beleid en de uitvoering van zaken die over hen gaan, die hen raken. Dat is ook na de verkiezingen. Een referendum, een gekozen burgemeester en toegang tot functies op basis van kwaliteit in plaats van partijvoorkeuren zijn zo enkele zaken die nodig zijn. Het vraagt om een publieke omroep die van iedereen is en een staat die de vrijheid bewaakt.

JA21 wil:

  • Een referendum waarvan de precieze opzet nader vorm kan krijgen, maar dat volstrekt heldermaakt dat de wil van het volk in een tijdig stadium serieus wordt genomen.
  • Overheidsinstellingen die toegankelijk worden voor kwaliteit uit de volle breedte van de samenleving, in plaats van een gesloten bolwerk te vormen van partijpolitieke benoemingen en gevestigde belangen.
  • Een terugkeer naar de menselijke maat als richtinggevend voor overheden, zorginstellingen, woningcorporaties en het onderwijs.
  • Gemeenten die geen filiaal zijn van landelijke partijen, wat onder meer invoeren van een gekozen burgemeester betekent.
  • De rol van het omroepstelsel beperken tot een aantal duidelijk omschreven taken waarvan het publieke belang duidelijk is en bijsturing van de als activistisch ervaren beeldvorming door de NPO.
  • Er continu alert op zijn dat Nederland niet sluipend in een land verandert waarin de staat haar onderdanen op elk moment van de dag volgt, stuurt en controleert.
  • Scenario’s ontwikkelen die herhaling van een maandenlange lockdown met onoverzienbare sociaal-economische en maatschappelijke gevolgen voorkomen.

Lees verder over dit onderwerp.
Soevereiniteit behelst de hoogste macht om onafhankelijk beslissingen en besluiten te nemen binnen de grenzen van een staat. In Nederland ontleent de staat deze macht aan het volk. De daadwerkelijke invloed en betrokkenheid van ons volk op en bij de staat vormt de toetssteen voor de legitimiteit en geloofwaardigheid van onze democratie. Die invloed is tanend, de betrokkenheid staat onder druk. Het is daarom dringend geboden onze volkssoevereiniteit aan de basis te verstevigen, in het besef dat de drang naar vrijheid een rode draad is in de geschiedenis van ons land.

Het volk kiest volksvertegenwoordigers in de verschillende geledingen die ons land rijk is. In de Nederlandse traditie van coalities zijn samenwerking en compromissen onvermijdelijk. Negeren van grote groepen kiezers door het uitsluiten van partijen in de coalitievorming schaadt het aanzien van de democratie. Wat de invloed van het volk tevens uitholt, is de kennelijke neiging om wezenlijke vragen af te schilderen als te ingewikkeld voor gewone mensen. Bij gehouden referenda is gebleken dat de kiezers zich terdege inhoudelijk verdiepten in de aan hen voorgelegde vragen. Vervolgens bleek met hun stem niets te gebeuren. Het invoeren van een referendum, waarvan de precieze opzet nader vorm kan krijgen maar dat volstrekt duidelijk maakt dat de wil van het volk in een tijdig stadium serieus wordt genomen, draagt voor JA21 bij aan een grotere invloed van het volk. Het instrument van een referendum op landelijk niveau kan provinciaal en gemeentelijk op manieren vorm krijgen die passen bij de bestuurslaag en bij de voorliggende vraag. Waar het om gaat, is dat het volk ook na de verkiezingen invloed heeft. Het is mogelijk en het is hard nodig.

Wat de invloed van het volk op het bestuur betreft, valt te constateren dat Nederland in wezen nog altijd een land is van regenten. De werkelijke bestuurlijke en adviserende macht is in handen van een kleine groep mensen die in een onderling nauw verweven netwerk van personen en instellingen posten en posities verdelen. Afgezet tegen de politieke voorkeur zoals die tot uiting komt in verkiezingsuitslagen is er een aantoonbare onevenwichtigheid in de politieke voorkeur van benoemde functionarissen. Tussen de bevolking en de bestuurlijke elite ligt een kloof die om overbrugging vraagt. Ontmanteling van een hecht netwerk van personen en instituties is een haast onmogelijke opgave. Toch zal invloed van het volk niet zonder wezenlijke bijstelling kunnen van de wijze waarop de macht in dit land wordt verdeeld. Wat tot een hecht bolwerk van gevestigde partijbelangen is verworden, zal de poorten moeten openen voor buitenstaanders. JA21 vindt dat een bestuurlijk-ambtelijk stelsel geen monopolie dient te zijn van partijpolitieke netwerken en benoemingen die gevestigde belangen dienen, maar dat het toegankelijk dient te zijn voor de volle breedte van de samenleving. Ook bij instellingen die in uitvoerende en adviserende zin raakvlakken met de overheid hebben, moet de praktijk van partijpolitieke benoemingen uit een klein netwerk worden teruggedrongen.

Bestuurlijk Nederland is al tientallen jaren in de ban van een nietsontziende schaalvergroting. Inmiddels is genoegzaam bekend dat hierdoor de afstand wordt vergroot, de kosten worden verhoogd en de kwaliteit wordt verkleind. Ambitieuze bestuurders hebben miljoenen verspild aan prestigieuze gebouwen, consultants en organisatietrajecten. Tegelijk verdween de eigenlijke taak naar de achtergrond, nam de bureaucratie toe en verminderde de dienstverlening. De opschaling heeft geleid tot onherkenbare kolossen die vooral een schaduw over hun omgeving werpen. De menselijke maat dient weer maatgevend te worden. In plaats van een in zichzelf gekeerde bureaucratie te voeden, moeten overheidsinstellingen als het aan JA21 ligt weer een dienende houding tegenover de samenleving innemen. De schandelijke toeslagenaffaire spreekt boekdelen over de tegenovergestelde richting waarin een onbeheersbaar uitdijend bestuurlijk-ambtelijk stelsel zich heeft ontwikkeld. In plaats van het systeem hoort datgene wat de bedoeling is het uitgangspunt te zijn. Het gaat immers om mensen en hun leefwereld. Die focus dient bij wetten en regels voorop te staan. Bij besluitvorming dient de kwaliteit en uitvoerbaarheid van wet- en regelgeving meer centraal te staan. Voor ambtenaren is inhoudelijke vakkennis belangrijker dan ideologische gedrevenheid.

Ook voor de gemeenten is zichtbaar hoe invloed en betrokkenheid van de bevolking hebben moeten wijken voor de mantra ‘groot, groter, grootst’. Terwijl uitgerekend de zogeheten eerste overheid dicht bij de eigen inwoners hoort te staan. Schaalvergroting doet afbreuk aan de eigenheid van gemeenschappen die zich in hun gemeente willen herkennen. Er dient een einde te komen aan gedwongen samenvoeging van gemeenten. Gemeenten dienen meer ruimte te krijgen om op terreinen waarover zij gaan eigen keuzes te maken, ook als dat leidt tot verschillen tussen gemeenten. JA21 is voor het invoeren van een gekozen burgemeester, wat een herziening nodig maakt van de wijze waarop een gemeente worden bestuurd en bijdraagt aan het vergroten van de invloed en betrokkenheid van de inwoners. Gemeenteraden zijn geen filiaalhouders van de landelijke politieke partijen. Gemeentepolitiek hoort vooral gemeentelijk zijn.

Verantwoord uitoefenen van invloed vergt verder gedegen, laagdrempelige en toegankelijke informatie. De Nederlandse Publieke Omroep (NPO) vervult daarin een wezenlijke rol door het bieden van een breed platform aan meningen en opvattingen die de hele samenleving evenwichtig vertegenwoordigen. In de praktijk is het omroepstelsel een spreekbuis geworden voor een beperkt deel van het politieke spectrum. De presentatoren, de keuze van thema’s, de inhoudelijke duiding, dezelfde gasten die telkens weer worden uitgenodigd – alles wijst in één richting. Van onafhankelijkheid en objectiviteit wordt zelfs de schijn niet opgehouden. Grote groepen Nederlanders die zijn aangewezen op sociale media als tegenwicht voor de eenzijdige, op een aantal terreinen zelfs als activistisch ervaren beeldvorming door de NPO moeten zich weer thuis gaan voelen bij een publieke omroep die ook van hen is. Daarvoor vindt JA21 bijsturing van de NPO nodig. Dit kan samengaan met een beperking van de rol van het omroepstelsel tot een aantal duidelijk omschreven taken. Het publieke belang vereist een publieke omroep die deze taken waarborgt en waarvoor commerciële media geen alternatief bieden.

Want invloed en betrokkenheid zijn nauw verweven met de vrijheid om deze tot uiting te brengen. Tegenover invloed en betrokkenheid staan sturing en onderwerping. Van een staatsinrichting gebaseerd op de soevereiniteit van het volk mag worden verwacht dat deze de vrijheid voor ogen houdt. Een totalitaire staat als China die de inwoners continu controleert en onder dreiging van sancties naar door de staat gewenst gedrag dirigeert, mag niet ons voorland zijn. Nederland is ontstaan uit de drang naar vrijheid, uit de behoefte van mensen om zelfstandig hun eigen fundamentele keuzes te maken in het leven. Als we er niet continu alert op zijn, dreigt ook ons land sluipend in een land te veranderen waarin de staat haar onderdanen op elk moment van de dag volgt, stuurt en controleert. Alertheid is nodig omdat het kleine stapjes zijn die naar deze weg leiden, zonder dat tegen de stapjes op zichzelf veel valt in te brengen.

De vraag naar de juiste verhouding tussen de staat en het volk tekent zich scherp af tijdens de COVID-crisis. De staat heeft zich grote bevoegdheden toebemeten in pogingen om het verloop van de pandemie beheersbaar te houden. Het doorvoeren van maatregelen kan alleen wanneer er sprake is van doorzettingsmacht om deze af te dwingen. Tegelijk mag niet uit het oog worden verloren dat het bevoegdheden betreft met een tijdelijk karakter, en maatregelen die de toets van proportionaliteit moeten kunnen doorstaan. Een ongekozen bestuurder die onder het motto ‘durven doorpakken’ meent een vuurwerkverbod meteen permanent te mogen maken, verliest zowel de tijdelijkheid van de bevoegdheden als de proportionaliteit van de maatregelen van het gremium dat hij vertegenwoordigt uit het oog. De reikwijdte van draagvlak voor het bestrijden van een crisis reikt tot aan de horizon van de crisis zelf. Het streven is wat JA21 betreft om verantwoord zo snel mogelijk naar het vertrouwde normaal terug te gaan. Terug naar een normaal Nederland waarin inwoners weer zeggenschap hebben over zaken waarin ze met het oog op de crisis betrokken en met gevoel voor verantwoordelijkheid een pas op de plaats maken. Uit de aanpak van de COVID-crisis kunnen lessen worden getrokken die Nederland beter voorbereiden op een volgende pandemie. Met de verworven kennis en inzichten moet het mogelijk zijn om scenario’s te ontwikkelen die herhaling van een maandenlange lockdown met onoverzienbare sociaal-economische en maatschappelijke gevolgen voorkomen.

Verberg extra tekst.